Interieurtrends 2019:

Wat is in en wat niet

Het is weer tijd voor optimisme. De trend van industrieel en vintage is voorbij en maakt plaats voor diversiteit. Misset Horeca laat negen designers aan het woord over de horecatrends voor 2019. Eén van de eindconclusies die we mogen trekken: een mix van stijlen doet het goed.

Foto rechter kolom

Nhow Amsterdam

Tommy Kleerekoper van designstudio Tank in Amsterdam ziet trends als verschillende lijnen die soms voor een periode bij elkaar komen. Hij legt het uit: ‘We hebben net een periode achter de rug waarbij verschillende trends samenkwamen in één heersende stijl, die ik voor het gemak ‘industrial vintage’ noem. Dat was een duidelijke reactie op het einde van de jaren negentig. De economie draaide toen op volle toeren, de wereld leek door globalisering op een oester en men keek positief naar het nieuwe millennium.

 

In dat optimisme kwamen scheurtjes door onder andere 9/11, de oorlog in Irak en de IT-bubbel. Je zag dat de trends donkerder en rauwer werden. De heersende gelikte loungy-trend uit de nineties spatte uit elkaar in verschillende stijlen: van sjiek tot barok en van grafisch tot eighties-revival. Rond 2006 kwamen deze stijlen weer samen tot de industriële en de vintage-trend, én een combinatie van die twee.’

 

Horecatrends 2019 liggen verder uit elkaar

De founder van Tank geeft aan dat vintage voortkomt uit de hunkering naar vroeger, en industrieel is ontstaan uit de behoefte naar echtheid en authenticiteit. Aangewakkerd door de kredietcrisis en milieuproblematiek, is deze stroming heel lang dominant geweest. Kleerekoper: ‘De crisis is voorbij. Men realiseert zich dat de enige weg vooruit is. Technologie en innovatie gaan de wereld redden. Dus zie je optimisme en ook weer verschillende trends. Kleurrijk, grafische lijnen, bijzondere vlakverdelingen, Memphis, anti-design – een designstroming en stijl uit de jaren 1966-1980 -, hightech en minimalisme. Alles kan, er is geen heersende stijl. We zitten nu weer op zo’n punt waar verschillende trends verder uit elkaar liggen. Wij denken dat dat fantastisch is, want dat is waar innovatie wordt geboren.’

 

Nooit één stroming in interieurtrends

Mehdi le Mair van King Kongs in Eindhoven onderstreept de verschillende lijnen waar Kleerekoper het over heeft. Volgens Le Mair lopen er altijd verschillende stromingen parallel. Le Mair: ‘Er is nooit één stroming. Nooit geweest en dat zal ook nooit gebeuren. Gelukkig maar, dan hebben we nog een beetje het gevoel dat we individuele keuzes kunnen maken en een zekere mate van eigen identiteit hebben.’

 

King Kongs houdt zich niet zo bezig met trends. Le Mair: ‘Jaren terug was ik daar wel gevoeliger voor. Ik was continu aan het kijken wat er op interieurgebied allemaal gaande was: materialen, stijlen, trends. Projecten leken echter steeds lastiger te worden. Er was vaak te weinig tijd, de budgetten krap en opdrachtgevers waren moeilijker te overtuigen van unieke elementen in hun interieur.’ Hoewel iedereen wel gevoelig is voor trends, gaat het de designer van King Kongs erom dat ondernemers proberen meer hun individuele stem te volgen, en wat minder Pinterest te gebruiken als raadgever. ‘Luister beter naar jezelf en laat je niet te veel beïnvloeden door de trends en de markt.’

 

Definitie van ‘uniek’ interieur

De meeste ontwerpers in de hospitalitybranche krijgen van de ondernemers vaak de opdracht dat het interieur uniek moet zijn. Een zaak met een eigen uitstraling. Le Mair van King Kongs: ‘Deze ‘eigen uitstraling’ wordt beïnvloed door alles wat we vinden in het algoritme van internet. Ondernemers durven vaak niet te zeggen dat ze een aantal zaken hebben bezocht en graag iets in diezelfde uitstraling willen. Dat is jammer. Een ontwerp moet vooral bij de ondernemer zelf passen; dat is het voornaamste.’

 

Le Mair geeft een definitie van een ‘uniek’ horecainterieur: ‘Iets is uniek waar zelfontworpen elementen in zitten. Combinaties die nog niet eerder zijn uitgeprobeerd. Dus elementen die geen referentiekader hebben.’ Dit vergt volgens de Eindhovense designer doorzettingsvermogen van alle partijen. De ontwerper die overtuigd is van de toegevoegde waarde, de opdrachtgever om hiermee in te stemmen, zonder een bestaande referentie te kunnen zien, en de uitvoerende partij om dit te willen en kunnen realiseren.

 

Le Mair: ‘Dit lef wordt dan beloond met een zaak waar hij zich echt thuis voelt en hij dit gevoel met volle overtuiging aan de gasten kan overbrengen. Die op hun beurt een fantastische hospitality-ervaring hebben.
Le Mair: ‘Persoonlijk vind ik het fantastisch om verschillende gebruikte materialen te kunnen toevoegen aan een interieur; dit is bijna een must. Dit om levendigheid toe te voegen aan een interieur dat doorgaans volledig nieuw in een werkplaats vervaardigd wordt.’

Wat is IN?

Wat is UIT?

Branding van evident belang

Jeroen Smeele constateert dat er, nu we de crisis definitief achter ons gelaten hebben en gasten meer spenderen, meer wordt verwacht van het niveau en de performance van hospitality in het algemeen. Designer Smeele: ‘In toenemende mate wordt er op verschillende momenten van de dag buiten de deur geconsumeerd. Door de 24-uurseconomie zullen vaste weekenden om uit eten te gaan of te borrelen, verdwijnen. Daarnaast beweegt de consument zich in de ogen van Smeele meer en meer vanuit zijn gevoel door de markt. ‘De kwaliteit van het verblijf en het eten blijven daarbij het belangrijkste. De keuze wordt echter eveneens beïnvloed door het beeld en de merkassociatie die de gast ervaart. Branding is van evident belang aan het worden in hospitality.’


Verhorecalisering is begonnen

De laatste keer dat interieurontwerper Paul Linse bij iemand thuis heeft afgesproken voor een kop koffie, kan hij zich haast niet meer heugen. ‘De grootste trend die ik zie, is dat de hele wereld één horecaspeelplaats lijkt te worden: de verhorecalisering van ons leven is begonnen’, aldus Linse.
De eigenaar van Studio Linse ziet bovendien dat niches het goed doen. ‘Zaken met een smal assortiment, zo authentiek mogelijk neergezet en gepresenteerd; de koffiewereld kende het al en je ziet deze tendens alom groeien. Het succes van The Avocado Show is inmiddels internationaal bekend. Maar ook concepten die oude bekenden eren, zoals frietzaken totaal in nieuwe stijl, en spaghettitenten met alleen spaghetti op de menukaart, zijn succesvol. En ook vega is in opkomst als niche’, aldus Linse.

Trends in hospitality_221

Kleine gespecialiseerde, privésfeer-restaurants zijn in opkomst. Mooi voorbeeld is het authentiek Catalaans restaurant Gaudim in Breda. Foto: Peter Baas.

 

Privésfeer-restaurants

Will Erens van Too Many Agencies ziet niet echt nieuwe dingen verschijnen in de hospitality. Eerder nieuwe vertalingen van bestaande concepten of het terugbrengen van oude vergeten concepten. Erens: ‘Maar ik voel wel waar we naartoe gaan. Er komen meer kleinschaligere projecten en specialisme: privésfeer-restaurants met alleen een koppel als personeel, zodat kwaliteit gegarandeerd is en er echte communicatie tussen gasten en personeel komt. Door de personeelscrisis en de druk op het vak, komt er steeds meer amateurisme in bediening en is de kwaliteit niet goed. Kleine gespecialiseerde restaurants zijn volgens mij de toekomst.’

 

Diversiteit aan belevingen

Het team van DutchConcept in Helmond ziet juist meerdere kleine projecten onder één dak. DutchConcept verwacht een grote diversiteit aan belevingen door onder andere shop-in-shopconcepten waar bijvoorbeeld in één locatie koffiebranderijen en bierbrouwerijen een plek krijgen.
Qua indeling en inrichting van een zaak vraagt de horecaondernemer meer naar gelaagdheid in zijn bedrijf. ‘Zaken gaan steeds meer aandacht besteden aan het creëren van mooie zichtlijnen door bijvoorbeeld vides te betrekken bij de hoofdruimte. Deze spectaculaire gelaagdheid die je hiermee bereikt, geeft een volwassen premium uitstraling. Ook heeft de ondernemer behoefte aan snel en flexibel in kunnen spelen op trends’, aldus het designteam van DutchConcept.

 

Interieurs worden liever, niet meer zo hard industrieel

‘Het wordt steeds vrouwelijker. Het interieur heeft mooie ronde vormen’, zegt Rein Rambaldo van De Horeca Fabriek in Den Haag. Interieurs worden volgens hem ‘liever’. ‘Niet meer zo hard (industrieel), maar een inrichting waar lichte kleuren de boventoon voeren, zoals pasteltinten. En mooiere materialen, bijvoorbeeld natuursteen, komen meer naar voren en worden gebruikt in designs. Het interieur moet vooral fotografeerbaar zijn en vrolijkheid uitstralen, vooral niet somber en donker.’ Daarnaast ziet Rambaldo dat er veel meer aandacht wordt besteed aan tafelaankleding: van messing bestek tot kristallen glazen.

 

Eerlijke materialen, luxere uitstraling en kwaliteit

Ook ontwerper Hans Kuijten uit Nuenen en Esther Stam van Studio Modijefsky in Amsterdam zien een trend in eerlijke en mooie materialen met een luxere uitstraling en kwaliteit. Stam van Modijefsky: ‘Gasten zijn steeds meer op zoek naar echtheid. Geen concepten zonder inhoud, maar zaken met een zekere puurheid: echte materialen, echte ingrediënten en echte kennis.’
Hans Kuijten ziet in de trends die gaan komen, ook veel aandacht voor details en vakmanschap. Een interieur dat staat, en niet is samengesteld door spullen van de rommelmarkt. Kuijten: ‘Het vintage- en plantjesgehalte is er echt wel vanaf. De ‘hippe’ en nietszeggende op elkaar lijkende coffeeshopinterieurconcepten zijn een overkill aan het worden en alles lijkt op elkaar.’ Hoewel Kuijten zelf geen trends volgt, is er volgens hem ‘behoefte aan mooie stoffen, wandbekleding, leder, hout en steensoorten. Combinaties met een luxere uitstraling in een rustig kleurpallet.’

 Horecadesigntour

Interieurtrends 2019

2/17
Loading ...